In 1965 kwam een Nederlander als eerste boven: Kees Haast! Uit boek van John van Ierland

Gerona is een provincie van de autonome regio Catalunya. De hoofdstad van de provincie is de stad Gerona.

Booking.com heeft een aanbod van meer dan 1.300.000 accommodaties over de hele wereld.

Vlieg extra voordelig vanaf Amsterdam naar de Windy City

Ontelbare fonteinen in Aken. Van de Hühnerdieb tot Türelüre-Lißje: kleine fonteinentour door de binnenstad van Aken.

Stad van fonteinen en monumenten - een titel, die in Aken wordt bevestigd overal waar men gaat. Nederzettingen ontstonden altijd bij voorkeur daar, waar de mensen ook het levensnoodzakelijke water vonden. In Aken borrelen zelfs warme en geneeskrachtige bronnen
op. Hier richtte keizer Karel de Grote terecht zijn lievelingspalts in en werden reeds voor hem de krachten van de natuur gebruikt en vereerd.

Keizer als uitgangspunt
Start en eindpunt is het historische stadhuis uit de 14de eeuw. Onze eerste bestemming zijn de imposante Marktbrunnen met het beeld van Karel de Grote op de hoogste top. In 1620 heeft meester Franz von Trier de 7000 kilogram zware bronzen schaal in Aken gegoten. Het standbeeld ontstond in het Belgische Dinant. De stenen omranding van de fontein in blauwsteen toont de typische welving van de stadsbouwmeester Johann Josef Couven, die de fontein in 1735 vernieuwde. Pas in 1738 kwamen de twee welgevoede bronzen dolfijnen in het bekken. Ga een paar stappen in de richting van het stadhuis. Een door ijzeren beugels samengehouden steen markeert een belangrijke plaats: hier stond ooit de galg...
Vanuit deze gedenkwaardige positie bereikt men via de Krämerstraße de Hühnermarkt. Naast de „Goldenen Apfelbaum“ prijkt boven acht gouden kuikens de „Hühnerdieb“ (“Kippendief”). Daar kon hij haan en hen heimelijk in zijn zakken steken en de kuikens hebben niks beters te doen, dan hem met kakelend protest te verraden. Hermann Josef Pagels schiep het bronzen beeld boven het waterbekken.

Zoet monument
Links van het Couvenmuseum gaat het verder de Rommelgasse af en dan weer linksaf in de Körbergasse. Op de hoek staat het levensgrote „Printenmädchen“ (“Printenmeisje”). Hier creëerde de beeldhouwer Hubert Löneke een “zoet monument” voor het Akense nationale gebak. Rechts (Büchel) stapt u af op een monster: het „Bahkauv“ (1967), uitgevoerd door Kurt-Wolf von Borries uit Junkersdorf. Bahkauv, dat is een fabeldier (half panter, half draak) dat in lang vervlogen tijden uit de diepte van de Akense fonteinen sprong en kroeglopers in de nek sprong wanneer ze ’s nachts naar huis liepen. U volgt de Büchel verder rechtdoor, slaat dan linksaf de Ursulinerstraße in tot aan de Holzgraben. Ga nu naar rechts, langs
het prachtige Karl-Friedrich Schinkel-bouwwerk (1882 -1927); de „Elisenbrunnen“ (genoemd naar kroonprinses Elisabeth, later gemalin van koning Friedrich Wilhelm IV. van Pruisen). In de rotonde stroomt in twee bekkens het warme, naar zwavel „geurende“ Akens water, men mag het proeven.

Potsierlijkheden in brons
Bestudeer even de marmeren platen, waarop de prominenten van de eeuwen zijn opgesomd. Zowel Händel, Blücher als de tsaar Alexander de Grote - in Aken kuurde de beau monde. Het gaat verder rechtsaf, voorbij het Atrium langsheen de Hartmannstraße aan de Elisengarten tot aan de „Kreislauf des Geldes“ (“Kringloop van het geld”), die Karl Henning Seemann 1976 in zijn potsierlijke bronsfiguren op een fontein voorstelde. Overigens: Het zou geluk brengen, een geldstuk in het water te gooien. Wanneer u zich nu omdraait, kunt u een ommetje maken rechts de Krämerstraße in naar de „Puppenbrunnen“ (“Poppenfontein”) (1975) van Bonifatius Stirnberg. De aanschouwelijke marionetten uit brons kunnen grappig worden gedraaid en tonen de Akense types domheer, marktvrouw, professor, ruiter, harlekijn en modepop. Ga nu weer terug over de Münsterplatz naar de Mariensäule, door stadsbouwmeester Friedrich aachen tourist service e.v. / Postfach 10 22 51 /
Josef Ark in 1847 opgericht. Gottfried Göttig schiep de figuren: Moeder Gods, St. Foillan, St. Michael en de heilige Vincentius van Paul.

Aan de rand van het Munsterplein bevinden zich de „Vogelbrunnen“ (“Vogelfontein”) (1987), ook „Möschebrunnen“ (“Musfontein”)  genoemd, van Bonifatius Stirnberg. Uit de grote bol stroomt water na een druk op de knop. Aan het tegenoverliggende originele „Domlädchen“ gaat het linksaf door de nauwe steegjes naar de Fischmarkt (links het “Grashaus”, het voormalige stadhuis), waar een kleine naakte jongen hoog boven op de fontein twee vissen
vasthoudt: het „Fischpüddelchen“ van Hugo Lederer (1911). De verontwaardiging over de knaap was indertijd zo groot, dat men de fontein zelfs een tijdje moest bewaken. Linksaf, de „Rennbahn“ leidt naar de fontein „Türelüre-Lißje“ in de Klappergasse, waarover de kunstenaar Hubert Löneke in 1967 een spotliedje maakte. Daarin gaat het om een meisje, waar drie jongens bij de „kleine boodschap“ half plagend, half beschermend omheen dansen.

De smid was slager
Akense geschiedenis vertelt de „Wehrhafte Schmied“ (“Weerbare smid”) in de Jakobstraße van Karl Burger (1909). Het herinnert aan de dappere man, die samen met zijn zoon in 1278 in de Gertrudisnacht bij de verjaging van graaf von Jülich en zijn mannen beslissend toesloeg. Overigens: de smid was eigenlijk een slager...
Informatie:
Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.
www.aachen-tourist.de